Kunststof vloerbedekking

De meeste kunststof vloerbekledingen zijn op basis van polyvinylchloride zoals vinyl en PVC.
Fiche PVC op deze site.

TOEPASSING:
Kunststof vloerbekledingen worden omwille van gemakkelijk onderhoud meestal gebruikt in keukens, badkamers, slaapkamers.
Let op met het afsteken van oude vinylvloeren: de
onderkant daarvan bevat soms asbest. Zie fiche asbestvinyl.

MILIEUOVERWEGINGEN:
Levenscyclus:

Ontginning:
Voor de productie van 1 kg PVC is 0,7 kg aardolie, 1 kg NaCl (keukenzout) en maar liefst 3,8 liter water nodig. De ondergrondse winning van NaCl kan, net als bij de winning van olie, voor verzakking van de bodem en verstoring van bodemprocessen zorgen.

Transport:
Bij de productie van PVC wordt reactief chloor gebruikt. Tegen het transport van chloor wordt door milieuorganisaties als Greenpeace geprotesteerd, omdat het chloor mutageen (erfelijk materiaal veranderend) zou zijn, alleszins is het gevaarlijk transport.

Verwerking:
PVC wordt voor 43% gemaakt uit aardolie en voor 57% uit keukenzout. Van aardolie wordt etheengas gemaakt. Uit het zout wordt door middel van elektrolyse chloor gehaald (waarbij asbest vrijkomt).
Van etheen en chloor wordt VC (vinylchloride) oftewel VCM (vinylchloridemonomeer) gemaakt; VC(M) (ook gevaarlijke stoffen: mutageen en carcinogeen).
Buiten de vluchtige organische stoffen (VOS) waaronder tolueen, butyl, ethylbenzeen en andere, bevatten PVC-vloerbekledingen ook 10 tot 50% plastificeermiddelen, waaruit ftalaten kunnen vrijkomen. Deze semivluchtige organische stoffen zijn voornamelijk di-n-butylftalaat, diethylhexylftalaat en diisonylftalaat. Net zoals bij vluchtige organische stoffen verhoogt de emissie van semivluchtige organische stoffen bij een hogere luchtvochtigheid.

Voor de lijmen waarmee de vloerbekledingen gekleefd worden, wordt verwezen naar de fiche ‘Lijmsoorten voor muur-en vloerbekledingen’.

Gebruik:
Kunststof vloerbekledingen veroorzaken statische elektriciteit, ze kunnen hiertegen geaard worden. Zie ook de tabel in de fiche ‘Elektrostatisch potentieel van verschillende vloerbekledingen’ van vibe vzw.
In geval van brand komen toxische chloorwaterstoffen vrij uit PVC-vloerbekledingen. Dit verstikkende gas veroorzaakt ernstige irritaties van ogen en luchtwegen.

De afvalfase:
-recycleren:
kunstof vloerbekledingen worden meestal gekleefd of gegoten, vandaar kunnen ze bij vervanging meestal moeilijk gescheiden worden van de ondergrond.
Als het niet te veel vermengd is kan het PVC-afval schoongemaakt worden en vermalen tot regranulaat. Dit oude PVC kan als kern in bijvoorbeeld buizen of ramen worden gebruikt; de binnen- en buitenkant bestaat dan uit nieuw PVC. Op deze wijze is tenminste 30% primair materiaal nodig.
-storten: Als PVC-afval wordt gestort, is het onafbreekbaar. Ftalaten, kunnen uitlogen in de bodem en het grondwater.

Samengevat:  Het is duidelijk dat bij vloerbekleding milieuvriendelijker oplossingen zijn dan kunststofvloeren. Het moeilijk te recycleren zijn, het gebruik van aardolie en het productieproces van kunststoffen is nefast voor de analyse van de levenscyclus. Qua uitzicht en slijtvastheid is linoleum (en kurkvloer) een gezond en milieuvriendelijk alternatief.

Ook flexibele vloerbekledingen zijn sinds kort verplicht voorzien worden van het CE-keurmerk, waardoor ze moeten voldoen aan de veiligheidsvoorschriften die in de geharmoniseerde norm zijn vastgelegd, zoals reactiegedrag bij brand, het niet vrijkomen van formaldehyde en pentachloorfenol, elektrostatisch gedrag bij warmtegeleidbaarheid.
Een nieuwe voorwaarde, namelijk de emissie van vluchtige organische stoffen (VOC), wordt binnenkort in de norm opgenomen.

Het gebruik van vinyl blijft omstreden:de Europese Commissie heeft recent een overzicht gepubliceerd met de resultaten van verschillende ‘life-cycle analysis’ (LCA) rond vinyl en concurrerende producten.

MILIEUKADER:
Milieukader 3: uit petrochemische grondstoffen.