Keuken

Asbestvinyl

Tot in de jaren 70 en begin jaren 80 werd gebruik gemaakt van asbesthoudende vinylvloeren. Men herkent ze aan hun zwarte onderzijde en hun breekbaarheid bij buiging. Het zijn harde, dunne, meestal gevlamde tegels. Ze zijn ook meestal bevestigd met asbesthoudende lijm.

Ook onder vloerbedekkingen van vinyl (zowel zeil als tegels) werd dikwijls een laag asbestvilt of asbestkarton aangebracht, dat voor 70 tot 80 % bestond uit asbest.

TOEPASSING:
Vooral veel toegepast in schoolgebouwen.
Ook de rugkant van ‘cushion-vinyl’- vloer- en wandbekleding bevatte asbestvezels.

MILIEUOVERWEGINGEN:
Levenscyclus:

Probleem:
Asbest heeft de eigenschap om zich in uiterst fijne vezeltjes te splitsen, die gemakkelijk ingeademd worden. In de longen veroorzaken ze heel ernstige ziektes zoals asbestose en longkanker.

Verwijderen:
Wanneer asbestproducten intact blijven, kunnen ze soms behouden blijven. Belangrijk is dat er geen vezels loskomen! Dus breken, scheuren, afspuiten met een hogedrukreiniger, kortom VERWIJDEREN DAT SAMEN KAN GAAN MET HET LOSKOMEN VAN ASBESTVEZELS, MOET VERMEDEN WORDEN.
Alle info vindt u in de brochure van de federale overheid: ‘asbest in en om het huis’. asbest, en nu? (provincie Vlaams-Brabant) en op: lucht.milieuinfo.

Samengevat: Zolang deze vloerbekledingen intact zijn en het asbest in gebonden toestand is, vormen ze geen probleem. Verwijdering ervan zonder voorzorgen kan een sterke blootstelling van asbestvezels tot gevolg hebben. Vraag meer info en besteed deze werken uit aan specialisten.
Een lijst van gespecialeerde aannemers kan u hier vinden.

MILIEUKADER:
Wordt niet meer gebruikt.

Composteerbaar kunststof

OMSCHRIJVING:
Composteerbaar kunststof wordt gemaakt van aardolie of hernieuwbare materialen, zoals zetmeel uit maïs of aardappelen. Plastic van deze laatste bron heet ook wel bio-plastic.
Deze kunststoffen komen dus voort uit natuurlijke, hernieuwbare grondstoffen en niet langer uit synthetische producten

TOEPASSING:
Tegenwoordig worden ze meest gebruikt voor verpakkingen in plaats van folies zoals PE (polyetheen), PP (polypropeen) en PS (polystyreen).
Maar ook in de designsector vinden ze hun opmars als biopolymeren.

MILIEUOVERWEGINGEN:
De milieuwinst van bioplastics zit in het verschil in grondstoffengebruik, niet in het composteren. Tijdens het composteringsproces valt een composteerbare verpakking namelijk uiteen in water en CO2 - het levert verder geen compost op.

afval:

Bij verbranding leveren composteerbare verpakkingen nog energie op. Aangezien de plantaardige grondstoffen niet eindig zijn, gaat het hier om een vorm van duurzame energie.

Composteerbaar materiaal op basis van aardolie levert dus geen milieuvoordeel op.

Samengevat: Composteerbare verpakkingen zijn gemaakt van aardolie (synthetische composteerbare polyesters) of plantaardige materialen. Dus de oorsprong is niet altijd milieuvriendelijk. Een composteerbare verpakking van eetwaren is herkenbaar aan het kiemplantlogo.
Sommige bekers op evenementen zijn composteerbaar, maar het blijft de kunst ze apart in te zamelen.
Voor toepassing in meubels of interieurs zijn er nog enkele nadelen: ze zijn niet te kleuren en ze zijn niet sterk. Het blijft dus de uitdaging naar ontwerpers en onderzoekers het materiaal te verbeteren.


MILIEUKADER
milieukader 1: hernieuwbaar
milieukader 3: op basis van aardolie

Epoxy

Epoxy’s zijn kunstharsen. Meestal zijn ze een twee-componenten product, namelijk een hars en een harder. (Soms nog met een vulstof bijv. zand of grind).
Om epoxy’s te kunnen verwerken, bevatten ze een oplosmiddel (water soms of organisch).

TOEPASSING:
Lijmen (constructielijm, tegellijm), voegmiddel, coatings, primers, gietvloer, reparatiemiddelen. composieten.


MILIEUOVERWEGINGEN:
Levenscyclus:

Winning:
Het proces om epoxy te creëren begint bij propeen dat reageert met chloor en allylchloride. Door verdere bewerking met hypochloriet en natriumhudroxide ontstaat epichloorhydrine. Nog enkele reacties verder ontstaan vloeibare of harde epoxyharsen.
Met glas- of koolstofvezels maakt men gewapende kunststoffen en composieten;

Verwerking:
Er zijn oplosmiddelen die niet verdwijnen door verdamping, maar doordat ze in het eindproduct worden opgenomen. Zo komen ze niet in het milieu terecht (reactieve verdunners: `epoxyderivaten').
De hardercomponent bevat één of meer alifatische aminen (de eigenlijke verharder) en verdunningsmiddelen.

Mensen die met epoxy werken kunnen blijvende allergische (huid)reacties ontwikkelen.

Gebruik:
Kunststofvloeren kennen hun oorsprong in de industriële sector omdat ze slijtvast, chemicaliënbestendig en vloeistofdicht zijn. In composietmaterialen spelt het lichte gewicht en het niet roesten in het voordeel.
Door het inademen van dampen van epoxygebonden reparatiemiddelen kan allergie van de luchtwegen en slijmvliezen ontstaan.

De afvalfase:
Epoxy’s zijn in de afvalfase meestal vastgehecht aan andere materialen, waardoor ze niet te recycleren zijn.

Samengevat: Verwerkt in composietmaterialen kunnen epoxy’s zeer lichte en resistente materialen zijn die milieuvriendelijk zijn omwille van hun licht gewicht. Epoxy gietvloeren zijn bijna oplosmiddelvrij (buiten benzylalcohol). Van alle gietvloeren en coatings zijn epoxy’s het best bestand tegen puntlasten en slijtage. Een gietvloer is merkelijk dikker (± 2 mm) dan een coating (0,2 mm), en gaat dus langer mee. De productie met chloor en het afvalprobleem zijn de grootste minpunten.

MILIEUKADER:
Milieukader 3: materialen uit petrochemische stoffen.

Acrylaatdispersieverf

(acrylaatverf-acrylverf-vinylverf-latexverf)

OMSCHRIJVING:
Acrylaatdispersieverven  zijn watergedragen verven.
Bindmiddel: acrylaathars of vinylhars.
Oplosmiddel: water. Acrylaatverf wordt om zijn waterverdunbaarheid wel eens waterverf genoemd, maar dat is het zeker niet. In acrylaatdispersieverf worden in plaats van VOS (Vluchtige Organische Stoffen) ook alcohol en glycolethers gebruikt. (en 5 tot 10% organisch oplosmiddel). Deze verdampen dan reukloos.
Pigmenten kunnen van organische (petrochemische) of minerale oorsprong zijn.

TOEPASSING:
Muur- en plafondverven, ook houtverven.
Acrylaatverf is beter UV-bestendig en elastischer dan alkydverf, waardoor er minder vaak hoeft te worden bijgeschilderd. De verf is elastisch en daardoor zeer geschikt voor plaatsen met hoge vochtigheid of kans op scheurvorming.
Latexverven zijn goed bestand tegen vuil (afwasbaar) en spatwater.
Acrylaatverf hecht niet goed op alkydharsverf.

MILIEUOVERWEGINGEN:
Levenscyclus:

Gebruik:
Acrylaatdispersieverf bevat meestal ongeveer 15% terpentine; de verf is dus niet helemaal VOS-vrij. Terpentine kan (huid)irritaties veroorzaken.

De afvalfase
Eigenlijk mag het materiaal waarmee de verf is aangebracht niet onder de kraan worden uitgespoeld. Het spoelwater van acrylaatdispersieverf is namelijk ook chemisch afval en moet apart opgevangen worden. (Rioolwaterzuiveringsinstallaties worden hierdoor zwaarder belast met ecotoxische verfresten).
Verwijderen:Acrylaatverf kan niet met een hitte en krabber worden verwijderd, alleen met oplosmiddelen. De opgeloste verf is weer chemisch afval.

Samengevat: Verven op waterbasis (acrylaatdispersieverven) geven het idee milieuvriendelijk te zijn. Maar ze bevatten dus evengoed toxische (o.a. schimmelwerende) middelen als alkydharsverf. De gevolgen voor de blootstelling aan de dampen (glycolethers en –esters als oplosmiddel) van schilders, zijn nog niet helemaal bekend. Ook hier geldt: een goede verluchting tijdens het schilderen.
De keuze voor deze verven is dus afhankelijk van de weerstand die ze moeten bieden en hoe lang ze zullen meegaan. Vanuit milieuoogpunt is verf op basis van hernieuwbare grondstoffen aangeraden. Er bestaat ook natuurlatexverf. Een keuze voor natuurverf (ecolabel) moet overwogen worden.

MILIEUKADER:
Milieukader 3: Materialen uit petrochemische grondstoffen.

composieten

OMSCHRIJVING:
Composiet betekent ‘samengesteld’. Kunststof composieten zijn vezels gecombineerd met (kunststof)-hars. Zowel in constructie als in verwerkingstechnieken is er een zeer grote verscheidenheid. Een keuze voor composieten moet dus aan het begin van het ontwerpproces gebeuren. Vormgeving moet afgestemd worden op de mogelijkheden qua productie en mechanische eigenschappen.

De belangrijkste kunststofcomposieten zijn nog altijd polyester- en epoxyharsen. Bij deze harsen zijn er de laatste jaren ontwikkelingen naar meer milieuvriendelijke harsen, zoals styreenarme harsen (LSE-harsen) en water gedragen harsen
Thermoplastische composieten (lagere productiekosten) hebben een goede chemische- en corrosiebestendigheid, beter dan conventionele kunststoffen. De productie kan gebeuren met zo goed als geen emissie, ook recycleren is mogelijk. Meestal zijn ze samengesteld uit: koolstofvezels, aramidevezels en E-glas. De harsen die daarbij worden toegevoegd zijn voornamelijk PPS, PEEK, polypropyleen (PP), Nylon, PC, en PEI.

TOEPASSING:
In de ruimtevaart en automobielsector is er al lang een groot gebruik van composieten. Er is een grote opmars bezig in toepassing in meubilair en bevestigingsmiddelen, het gaat dan vooral om glasvezel gecombineerd met aluminium. Met metaalvezellaminaten kan men grote gebogen constructies maken die minder vermoeiing vertonen dan metaal op zich.

MILIEUOVERWEGINGEN:
Levenscyclus:

Winning en productie:
Bij het gebruik van kunststof zijn er steeds nadelige milieuargumenten. Vooral het gebruik van aardolie en de emissies bij het produceren wegen zwaar door in de levenscyclus.

Afval:
Bij het combineren van die kunststoffen met metalen, weegt de afvalfase weer zwaarder door. Het scheiden van de verschillende componenten is niet zo eenvoudig.

Samengevat: Kiezen voor composietmaterialen kan ook vanuit milieustandpunt geen eerste keuze zijn. Nochtans geeft het lichte gewicht en een hogere stijfheid serieuze voordelen in de hoeveelheid materiaalgebruik. Ook bijvoorbeeld het voorkomen van roestvorming en beschadiging door de samenstelling van het materiaal maakt dat er geen bijkomende nabehandelingen nodig zijn.
In plaats van glasvezel vinden we in de nieuwste composieten ook natuurvezels zoals vlas, hennep en jute, ook als versterking voor thermoplastische composieten. Zij hebben een lagere kostprijs maar zijn dan ook iets minder sterk.

MILIEUKADER:
Milieukader 3: uit petrochemische grondstoffen.

PE (polyetheen)

OMSCHRIJVING:
PE is polyetheen of polyethyleen. en is een thermoplast. 
Er is een onderscheid tussen LDPE ((low density PE) en HDPE (high density PE).

PE, PP en PB hebben een veel eenvoudigere moleculestructuur dan bijv. PVC. Bij productie, gebruik en in de afvalfase zijn ze minder schadelijk.
In het algemeen worden PE, PP en PB gezien als de milieuvriendelijkste kunststoffen.

TOEPASSING:
PE is vooral bekend als het materiaal voor tassen, verpakkingen, emmers en speelgoed. In de bouw kan UV-bestendig PE worden toegepast als dakgoot of regenwaterafvoer. Door middel van gelaagde extrusie worden van PE ook zuurstofdichte slagen voor vloer- en wandverwarming gemaakt.
PE-schuim wordt toegepast als leidingisolatie en afdichtingsmateriaal ('PE-rolband').

MILIEUOVERWEGINGEN:
Levenscyclus:

Ontginning:
De winning van aardolie kan zorgen voor verstoring en aantasting van bodemprocessen. De meeste winning van olie vindt plaats in het Midden-Oosten en op zee. Het transport van de ruwe olie gebeurt met zeetankers. Op zich ook al een milieurisico.

Verwerking:
Bij de raffinage van olie ontstaat SO² (zwaveldioxide), vroeger verdween dit  in de lucht en was daarmee een belangrijke veroorzaker van zure regen. In Europa is door allerlei maatregelen, met name het 'wassen' van rookgassen in raffinaderijen en andere industrie, de hoeveelheid zure regen afgenomen.
Bij de productie van PE komt - net als bij alle andere kunststoffen - koolwaterstoffen, poly-meerstof, zware metalen en vaste afvalstoffen vrij.

De afvalfase:
-recycleren:PE en PP kunnen als thermoplast eenvoudig worden hergebruikt.
Er bestaat fotochemisch (ontbindt in zonlicht) of biologisch afbreekbaar (herleidt tot snippers) PE.
-verbranden:Bij het volledig verbranden van PE en PP komen in principe alleen waterstof, koolstof en zuurstof vrij. Volledige verbranding is zeer moeilijk te bereiken, zodat ook koolmonoxide en PAK's (polycyclische aromatische koolwaterstoffen) vrijkomen; de laatste hechten aan roet en zijn kankerverwekkend.

'thermische recycling' betekent dat. onherbruikbaar kunststof bij verbranding in een AVI (afvalverwerkingsinstallatie) bijdraagt tot de warmte- of elektriciteitsopbrengst (slechts 5 tot 25% energieopbrengst).

-storten: Bij ongeïsoleerde stort kunnen weekmakers uitlekken in de bodem en het grondwater, wat gevolgen heeft voor ecosystemen en de drinkwaterwinning. De meeste kunststoffen vergaan niet.

Samengevat: Er zou nog maar voor een 40tal jaren aardolie beschikbaar zijn. Het ontwikkelen van kunststoffen uit milieuvriendelijker grondstoffen en die ook beter recycleerbaar zijn geniet de voorkeur. Bij keuze voor kunststoffen moet de levensduur (ook UVbestendigheid van de kleuren) nagegaan worden en voorkeur gegeven worden aan thermoplasten.

MILIEUKADER:
Milieukader 3: petrochemische grondstoffen.

Roestvrij staal

OMSCHRIJVING:
Roestvrijstaal (RVS) bestaat uit de volgende verhouding: ca. 70-75 % Fe, ca. 18-20% Cr en 8-10% Ni. (Nikkel is het prijsbepalende element). Deze verhouding maakt het staal sterk, corrosiebestendig en niet-geleidend. Ruim tweederde van het Nikkel wordt gebruikt voor het maken van gelegeerd (roestvrij) staal.

TOEPASSING:
Roestvrij staal wordt gebruikt in de keuken als aanrecht, voor tafels en andere meubels, als constructieprofielen, afwerkingsbeplating,…

MILIEUOVERWEGINGEN:
Levenscyclus:

Winning:
De grootste ijzerertsproducenten zijn China, Rusland, Brazilië en Australië. Vooral in Brazilië heeft de winning een grote impact op het regenwoud, omdat de grootste ijzerertsvoorraden vaak op de ecologisch meest waardevolle plekken liggen.

Verwerking:
Naast ijzererts zijn voor de bereiding van staal kolen (cokes) nodig, en de diepe winning ervan heeft ook - in mindere mate dan bij oppervlaktewinning - aantasting van het landschap tot gevolg. Van sommige ertsen zijn de voorraden beperkt.

Afvalfase:
Bij roestvrij staal kan men door middel van analyse-apparatuur de legeringen uit elkaar halen. Omdat nikkel zeer gegeerd is, komt dat zeer weinig op de afvalberg terecht.

Samengevat: Waar kan zou men, vanuit ecologisch standpunt (ontginning), het gebruik van metaal moeten vermijden en vervangen door bijvoorbeeld hout met FSC-label. Maar de belangrijkste kwaliteiten qua bewerking, fijne constructie en sterkte zijn natuurlijk moeilijk te vervangen.
RVS is beschermd tegen corrosie en heeft dus een zeer lange levensduur en zeer goede recyclagemogelijkheden.

MILIEUKADER:
Milieukader 2: materialen uit oppervlaktedelfstoffen.

Inhoud syndiceren